8 Dingen die ik had willen weten toen ik begon met dragen

moeder-houdt-kind-in-lucht

8 Dingen die ik had willen weten toen ik begon met dragen

8 Dingen die ik had willen weten toen ik begon met dragen

Ben jij net begonnen met dragen? Of ben je je nog aan het oriënteren? Misschien wel aan het wachten tot je kindje geboren is? Of draag je juist al een tijdje? Hoe dan ook, er zullen altijd dingen zijn waarvan je wilde dat je ze eerder wist.
Ik heb er een paar op een rij gezet waarvan ik weet dat ik ze graag eerder had willen weten! 😉

 

1. Verdiep je goed in de verschillende systemen.

Ik weet het, de keuze is reuze. Door de bomen zul je al snel het bos niet meer zien. Het handigste is om bij een consulent te gaan kijken. Bij twijfel, ga voor een geweven doek of rekbare doek. Ik wilde een draagsysteem omdat de combinatie van een sleurende hond met een wandelwagen echt vreselijk was. Maar dat ‘even’ uitzoeken en wat bestellen zat er niet bij. Wat een keuze! Ik snapte het verschil echt niet tussen een rekbare doek of een geweven doek. Ik bedoel, je kunt er allebei mee knopen toch? Bij een rekbare doek kun je alleen buikdragen, maar hey, het aantal aangegeven kilo’s is hetzelfde? Ik werd getipt om voor een ringsling te gaan. Maar dat leek mij niet zo handig, je droeg schuin, over 1 schouder en met vage ringen.

Conclusie, ik koos voor veilig en wat mij het meeste aansprak en dat was een rekbare doek. Geen gedoe, maar simpel. Een rekbare doek is ook zeker een goede keuze om mee te beginnen! Ik vond het fijn dat het vergevingsgezind was, makkelijk te leren en vooral ook vooraf was te knopen. Het was wel heel erg warm (ik had zo’n dikke ByKay, en dat drielaags in de zomer was best zweten).

Niet elk systeem is geschikt voor iedereen, dus bekijk goed wat er beschikbaar is. Vandaar dat ik altijd aanraad om naar een consulent te stappen, die heeft alle kennis in huis om je te vertellen wat er op de markt is. En bonus, je kunt alles gelijk proberen en zien voordat je wat koopt!

aisha-met-zoon-op-rug-dragend-in-doek

2. Een consulent heeft enorm veel meerwaarde.

Ik had altijd een enorme hekel aan de FWCC (Front Wrap Cross Carry), oftewel de basic buikknoop. De banen sneden in mijn nek, mijn zoon zakte schuin weg. Vooral als hij sliep. Hoe ouder hij werd, hoe meer hij telkens naar achteren ging hangen. Of wat dacht je van het rugdragen met de Rucksack, met de eeuwige beruchte buttpop? Dit is de term die in de draagwereld gebruikt wordt voor doeken die naar boven rollen, wat resulteert in ontdoekte billen die je in de doek hebt hangen (letterlijk, hangen). Dan kijk je onderweg eens in de weerspiegeling van een autoruit of een winkeletalage, om tot de ontdekking te komen dat je kind wel heel erg gezakt is. Als in, hij hangt aan zijn oksels in de doek. Want tja, de doek is opgerold en alleen de doekbanen over de benen zitten nog enigszins op zijn plek. Yes, I’ve been there.

Al die narigheden hadden verholpen kunnen worden en waren weg geweest als ik niet zo koppig geweest en gewoon naar een consulent was gestapt. Een consulent kijkt namelijk met je mee hoe je de knoop uitvoert en zal je tips geven om je knooptechniek te verbeteren. Vaak zit het juist in die kleine dingen die het enorme verschil uitmaken in comfort. Uiteraard zijn consulenten er ook om je nieuwe knopen aan te leren die je nog niet kent.

 

3. Afwisseling is goed.

Als je altijd dezelfde drager gebruikt of altijd dezelfde knoop toepast, belast je je lichaam eenzijdig. Het beste is dus om af te wisselen. Wissel af tussen doek en drager bijvoorbeeld. Of gebruik verschillende knopen. Er zijn meerdere buikknopen en heupknopen, dus ook met kleine baby’s kun je afwisselen!

Het geeft jou wat meer uitdaging (een frisse start en nadenken in plaats van altijd knopen op de automatische piloot), het belast jouw lichaam anders en jouw kind wordt op een andere manier uitgedaagd of juist gekalmeerd. Voor iedere knoop of plek en hoogte waar je draagt op je lichaam, worden er weer andere spieren gebruikt. Zo draag je bij de Rucksack heel hoog en bij de Double Hammock heel laag. Daar zijn net weer wat andere spiergroepen bij betrokken. Als de Front Wrap Cross Carry (basis buikknoop) je een opgesloten gevoel geeft, kan de Kangaroo Carry je misschien juist wat meer ademruimte geven. Of misschien juist wel een heupknoop?

Het torsodragen toevoegen aan je repertoire is al helemaal een goede. Dit is zo’n andere manier van dragen ten opzichte van het ‘moderne’ dragen wat wij doen met een (geweven) doek! Bij het torsodragen draag je namelijk heel laag op je rug, wat erg fijn is voor je bekken en schouders. Je schouders blijven hierbij namelijk vrij. Ha, vrijheid! Heb je geen smoesje meer dat je de was niet op hebt kunnen vouwen omdat je kind in de Rucksack zat en je dan niet veel bewegingsvrijheid hebt in je armen (nogmaals, I’ve been there!). Bonuspunten voor het feit dat je kind minder protesteert als je dan bukt. Omdat je kindje veel lager zit, krijgt hij of zij geen last van jouw bollende rug als je bukt. Dat resulteert iedere keer in gemopper. Zeker bij mijn eigen zoon.

jongen-dragend-met-kind-op-rug

4. Je houding is belangrijk.

Tijdens het knopen blijf je heel lang naar voren of naar achteren hangen. Als je klaar bent en je draagt een tijdje, begint de boel wel heel erg uit te zakken … Toch teveel ruimte die er in is geslopen! Het is namelijk zo, dat als je een andere houding aanneemt tijdens het knopen als bij het dragen, er ruimte tussen jou en je kindje kan zitten. Deze ruimte zorgt ervoor dat je kind kan gaan hangen of strekken. Als voorbeeld zal ik de Rucksack nemen. Als je naar voren buigt om zo je kindje op de rug te knopen, zal jouw rug zich wat boller trekken. Zodra je klaar bent en weer recht gaat staan, wordt jouw rug weer holler. Jouw bolle rug tijdens het gebogen staan nam meer ruimte in dan bij de holle houding. Hierdoor komt er ruimte vrij en dus ook een stuk doek (dat stuk is nu immers niet voldoende aangespannen). Iedere vrije ruimte en ‘slack‘ in de doek (losse, niet aangespannen delen), zullen het zwaartepunt van jouw kindje naar achteren, van jouw lichaam vandaan, verplaatsen. Oftewel: het dragen wordt zwaarder, de doek neemt minder gewicht over, het gaat aan je schouders trekken en je kindje zakt schuin. Zeker als het in slaap valt.

Een ander belangrijk deel van je houding is diegene die je aanneemt tijdens het dragen. Ik zie het zo vaak voorbij komen dat mensen erg naar voren gaan hangen bij het rugdragen. Zelf had ik er echt een handje van om flink naar achter te leunen bij het buikdragen. Dan neem je een passieve houding aan, wat veel zwangeren bijvoorbeeld ook doen. Het lijkt misschien te helpen om naar achteren te hangen bij buikdragen om het minder zwaar te maken. Maar wat je eigenlijk doet is je gehele balans veranderen vanwege een verkeerd zwaartepunt. Ook dit zijn dingen waar ik naar kijk met mensen die langskomen voor een consult. Een verkeerde draaghouding zorgt voor vermoeide en trekkende schouders en rugpijn.

 

5. Slingringen zijn fijn!

De ringen die aan het einde van een ringsling zitten zijn ook los verkrijgbaar. Er zijn 3 maten: Large, medium en small. De ringen zoals bij een ringsling zijn large. Slingringen zijn gemaakt van aluminium en worden uit 1 stuk gegoten. Ze hebben daardoor geen lasnaad, welke zou zorgen voor zwakke punten. Het grote verschil tussen slingringen en ringen van de bouwmarkt bijvoorbeeld, is dat je 100% zeker weet dat slingringen veilig zijn. Iedere batch slingringen wordt namelijk uitgebreid getest op het maximum aantal kilo’s. Tevens bezitten ander soort ringen vaak lasnaden, wat inhoudt dat ze uit 2 of meerdere stukken zijn gegoten en daarna aan elkaar zijn gelast. Deze naden blijven altijd zwakke punten vormen.

Slingringen zie je vaak voorbij komen bij de wat meer gevorderden en ervaren knopers. Ze worden bijvoorbeeld veel ingezet om de meest mooie en complex uitziende (vaak zijn ze dat niet 😉 ) ‘finishes‘ te maken. De grote ringen zijn ideaal tijdens het knopen of met het afknopen van een dikke doek. De medium ringen zijn fijn voor dunnere doeken, vooral bij het afknopen. De kleine ringen zijn perfect voor het afknopen van de (uiterste) punten. Echter zijn deze ringen niet alleen bruikbaar voor ingewikkelde knoopkunsten!

Er zijn nog veel meer mogelijkheden. Aan slingringen kun je speelgoed hangen, of je sleutels, maar vooral ook gebruiken om af te knopen. Zeker bij dikke doeken krijg je een dikke knoop, daar ben ik persoonlijk niet zo’n fan van. Die dikke knopen kunnen ook een behoorlijk drukpunt creëren in je rug, buik of zij. Dit is op te lossen door de ring te gebruiken om het einde van de doekbanen vast te zetten. Niet moeilijk en voorkomt die dikke bult aan knopen, zeker bij het gebruik van een dubbele knoop.
Als je een nieuwe doek gaat bestellen, kijk dus direct even of de webshop ook slingringen heeft!

stapel-met-draagdoeken

6. Platte knoop leren en toepassen is een must!

Hoe vaak ik het wel niet heb gehad dat de knoop ging schuiven of stiekem steeds wat losser ging. Het maakte vaak niet uit of ik nou voldoende staart over had of echt met de uiterste puntjes nog wat heb geprobeerd te maken. Uiteindelijk kijk je naar beneden, soms na een kwartier al, soms na een paar uur, en dan blijkt de dubbele knoop zich vanzelf te hebben ontfrutseld! Het verklaart direct waarom alles steeds een beetje losser begint te voelen. Dus huppa, nieuwe dubbele knoop er in en later weer controleren. Om dit kunstje waarschijnlijk regelmatig te kunnen herhalen.
Het blijkt dus zo te zijn dat de dubbele knoop die ik altijd gebruikte, helemaal niet zo handig is. Bij een dubbele knoop blijf je namelijk altijd losse stof overhouden. Je krijgt het nooit volledig strak. Deze speling zorgt ervoor dat de knoop gaat uitzakken in de loop van de tijd. De ene keer gebeurt dit na een paar minuten al, de andere keer duurt het langer. Maar 1 ding is zeker: op een gegeven moment gaan die knopen los. Is het raadsel van de losse veters ook direct opgelost…

Wat is dan de oplossing? Een andere afknoopmethode gebruiken! De platte knoop is de knoop die we gebruiken bij het dragen en die consulenten je aan zullen leren. Hij lijkt eigenlijk heel erg op de dubbele knoop. Waarschijnlijk zullen de meesten deze bijna automatisch al maken. Dan is het alleen nog een kwestie van bij de tweede knoop de andere kant op aantrekken.
Deze knoopt lijkt erg op een soort ‘V’ of een soort hoefijzer. De platte knoop is erg eenvoudig en goed aan te spannen. Bij goed aantrekken trek je er zo alle losse stof uit. Hierdoor kan de knoop goed strak en kan deze geen kant op. Loshalen is gelukkig wel weer eenvoudig. Namelijk beide knopen tegen elkaar aanduwen, door de wrijving komen ze losser en kun je ze los halen.

Bij het aanleren maak ik gebruik van oefenknoopdoeken waarbij beide uiteindes een verschillende kleur hebben. Zo kun je duidelijk zien wat de stappen zijn en hoe het eruit komt te zien.

 

7. Dragen is verslavend.

Je begint waarschijnlijk met één doek, voor je het weet eindig je met een hele stapel. Want je wilt verschillende kleuren en maten. Je wilt dat merk wel eens uitproberen en die blend… De ene persoon zal er gevoeliger voor zijn dan voor de ander. Net zoals dat de een meer paar schoenen heeft, en een ander misschien wel aan een of twee paar genoeg heeft. Hoe dan ook, weet dat het voor veel mensen heel aanlokkelijk is om een hele verzameling aan te leggen. Een stash wordt dit genoemd.

Overigens is het wel handig om twee doeken of twee systemen te hebben. Zeker kleine baby’s spugen en kwijlen nog wel eens, dus dan zit je niet meteen zonder zodra de doek weer eens in de wasmachine is beland. De beruchte spuitluiers niet te vergeten. 😉 Ook voor de eerste paar maanden (of misschien wel juist voor die periode), vind ik het echt handig om twee doeken te hebben. Dan ook voornamelijk de 100% katoenen doeken, deze zijn makkelijk te wassen. Vaak kunnen ze op 40 of 60 graden in de wasmachine. Je gooit ze gewoon de was in en als ze klaar zijn hang je ze uit. Katoen droogt ook aardig snel.

gedragen-babys-houden-elkaars-hand-vast

8. Er is een ontzettend leuke draagcommunity.

Op Facebook en Instagram is er een hele levendige community omtrent dragen! Er zijn heel veel groepen, niet alleen internationaal maar ook veel binnen Nederland en België. De grootste groep op Facebook is Draagpraat. Deze groep heeft bijna 20.000 leden en is erg actief. Op Draagpraat is geen verkoop of koop toegestaan, daarvoor moet je bij een andere groep zijn. De grootste is de Draagdoekenmarkt, er is ook een groep voor doeken en dragers tot €50 (deze heet Draagdoekenmarkt <€50).

Iedere regio heeft ook zo zijn eigen groepen. Erg leuk om nieuwe mensen te ontmoeten en samen af te spreken!  Voor mijn regio zijn dat Dragend Emmen e.o., kids&doek Assen en Draagmoeke’s Drenthe.

Dit zijn de algemene groepen, waarbij je foto’s kunt delen, vragen kunt stellen en af kunt spreken. Tevens heeft bijna ieder merk ook zijn eigen groep. Daar kun je de doeken van dit merk tweedehands kopen en verkopen en met anderen over deze specifieke doeken praten.
De draagcommunity is een van de leukste onderdelen van het dragen! Met andere moeders en vaders kletsen, nieuwe mensen leren kennen en vooral veel leuke foto’s kijken. Zowel van lieve kindjes, mooie mama’s en papa’s en de meest verscheidene stash shots (stapels met doeken).

 

Welke dingen had jij graag willen weten toen jij begon met dragen?
Geen reacties

Geef een reactie